Wat mensen eten wordt sterk bepaald door cultuur, geschiedenis en lokale gewoonten. Daardoor ontstaan overal ter wereld opvallende culinaire voorkeuren: van geroosterde eend in Beijing en kip in Singapore tot rundvlees in Argentinië, mosselen in België en varkensvlees in Nederland. Wie reist, ontdekt dat eten niet alleen vertelt wat mensen lekker vinden, maar ook waar ze vandaan komen.
Wie eet wat waar?
Door Diederik Swart
Ik waarschuw maar even van tevoren: ik ga in deze blog lekker generaliseren. Maar de inhoud is wel gebaseerd op de vele culinaire reizen die ik inmiddels heb gemaakt.
Deze blog schrijf ik op het moment dat ik in Hongkong ben. En wat mij hier opvalt? Op werkelijk iedere straathoek wordt ganzen- en varkensvlees geserveerd. In de etalages hangen de geroosterde ganzen gebroederlijk naast stukken varkensvlees te glimmen.
En dat brengt mij bij de observatie dat wat mensen eten in een land, streek of stad enorm cultureel bepaald is.
Alsof de VN de dierenwereld heeft verdeeld
Als je op reis gaat, zie je pas hoe selectief de wereldwijde honger eigenlijk is. Het is bijna alsof de VN ooit de dierenwereld onder de verschillende landen heeft verdeeld.
Beijing kreeg de eenden. Singapore sloot een exclusief contract met de kippen. En in Hongkong hangt in elk restaurantraam een gans te glimmen, terwijl even verderop het buikspek van het varken in stukken wordt gehakt.
Ondertussen lijken de Argentijnen gezworen te hebben eigenhandig de wereldwijde koeienpopulatie te halveren.
En wij in Nederland? Wij houden het lekker overzichtelijk en schuiven massaal het varken op ons bord.
Ook Europa heeft zo zijn obsessies
Je hoeft trouwens niet helemaal naar Azië te vliegen om dit soort culinaire obsessies tegen te komen. Kijk maar eens om je heen in Europa.
Onze Franse buren hebben de oorlog verklaard aan alles wat door de tuin kruipt of springt. Geen slak of kikker is er veilig. In België verdwijnen ondertussen enorme hoeveelheden mosselen in zwarte pannetjes.
En dichter bij huis? Als je op Texel de boot afstapt, word je begroet door duizenden schapen. Geniet er maar van zolang het duurt, want de Texelse chef-koks hebben het menu al klaarstaan...
En soms zijn juist de dieren veilig
En dan zijn er nog landen die een groot deel van de vleesindustrie compleet links laten liggen.
Neem India. Daar lijken ze een levenslang abonnement te hebben op alle linzen en kikkererwten ter wereld. Alle peulvruchten verdwijnen er in de pan. Ze worden gemalen, gekruid, gebakken en gestoofd totdat er werkelijk geen kikkererwt meer over is.
Je bent vooral wáár je eet
Kortom: je bent wat je eet, maar je bent vooral waar je eet.
Als de VN ooit een wereldwijd menu moet samenstellen, ligt het plan in elk geval al klaar. Overal ter wereld is wel een dier of ingrediënt waarvoor de lokale bevolking een bijzondere voorliefde heeft. Of een vete – het is maar hoe je het bekijkt.
Dus ga vooral op reis en eet wat de lokale bevolking eet. Bestel die eend in Beijing, probeer de kikkerbil in Frankrijk en ontdek wat er elders op tafel komt.
Maar ben je zelf een varken? Dan kun je de grens met Nederland maar beter mijden.